
Inclusief onderwijs in 2035: een haalbare droom?
Volgens het droombeeld het ministerie van OCW deelt over inclusief onderwijs, moeten we in 2035 zover zijn dat alle leerlingen ongeacht hun achtergrond, talenten of beperkingen in hun eigen buurt naar dezelfde school kunnen gaan. Een prachtig ideaal, waar niemand tegen kan zijn. Maar: hoe realistisch is het om van droom naar daad te komen?
Willen we ervoor zorgen dat leerlingen met uiteenlopende behoeften in dezelfde klas kunnen zitten, dan moet het onderwijssysteem volledig ingericht zijn op maatwerk. Denk aan gepersonaliseerde leerlijnen, aangepaste ondersteuning, zorg in de school, noem maar op.
Dit zou fantastisch zijn, maar hier zijn we nog niet. Dat zie, hoor en merk ik ook als ik als regiodirecteur Oost in gesprek met netwerkpartners van onze gespecialiseerde scholen in de regio’s Nijmegen, Deurne, Stevensbeek, Helmond, Venlo, Venray en de Achterhoek.
Wat ik zie: het piept en kraakt
Reguliere scholen worstelen met hoge werkdruk, grote klassen en een tekort aan gekwalificeerd personeel. En het is niet ongebruikelijk dat onze leerlingen een half jaar tot negen maanden moeten wachten tot zij jeugdhulp of zorg krijgen.
Dit levert schrijnende situaties op, omdat kinderen en jongeren en hun gezinnen niet krijgen wat zij nu nodig hebben. Ouders zijn soms radeloos en hun kinderen ontwikkelen zich niet of onvoldoende. Want wie veel zorgen heeft, is helemaal niet in staat om te leren.
Dit zien wij ook aan de grote groep thuiszitters. Kinderen en jongeren die – om welke reden dan ook – niet naar school kúnnen. Als gespecialiseerd onderwijs moeten wij met onze netwerkpartners alle zeilen bijzetten om deze kinderen en jongeren weer stap voor stap naar onderwijs te begeleiden.
De leerkracht is geen superheld
Maar ik vraag vooral ook aandacht voor de spil in het onderwijs: de leerkracht. Alles valt of staat met de relatie tussen leerling(en) en leerkracht. En die leerkracht is geen superheld die álles kan. Die leerkracht móet al veel. En dat in grote klassen waarin zij veel verschillende niveaus moeten bedienen.
Wij verwachten van leerkrachten dat zij rekenwonders en taalvirtuozen zijn en natuurlijk deskundig in al die andere vakken. Zij moeten toppedagogen zijn en klassenmanagers. Zo kan ik nog wel even doorgaan. Het is niet realistisch om te verwachten dat die leerkracht zonder voldoende tijd, scholing en ondersteuning ook nog zomaar ‘inclusie-expert’ is.
Nu gespecialiseerd om later mee te kunnen doen
Bovendien is het de vraag of regulier onderwijs altijd de oplossing is voor iedere leerling. Wij zien in onze scholen juist dat óm ‘later’ mee te kunnen doen in de samenleving, nu gespecialiseerd onderwijs nodig kan zijn.
Er zijn leerlingen die te maken hebben met zulke complexe gedragsuitdagingen of leerstoornissen die verdergaan dan wat een reguliere school – zelfs met aanpassingen – kan bieden. Het risico bestaat dat zowel deze leerlingen als hun klasgenoten tekort worden gedaan als we koste wat kost vasthouden aan een inclusieve droom.
Zeker niet terug naar vroeger!
Dit betekent niet dat we moeten terugvallen op het oude ‘model’. Laten we vooral inzetten op samenwerking tussen verschillende onderwijsvormen. Reguliere en speciale scholen kunnen nog meer partners worden en er samen voor zorgen dat iedere leerling krijgt wat die nodig heeft, zónder onmogelijke eisen te stellen aan het reguliere onderwijs. Samen sterk als netwerk dus!
Conclusie: ideaal of illusie?
Inclusief onderwijs in 2035 is een prachtig droombeeld, maar als ik de huidige trends en uitdagingen eerlijk bekijk, is het simpelweg niet haalbaar. Daarom pleit ik voor realisme. Alleen door te erkennen waar de grenzen liggen, kunnen we werken aan een onderwijssysteem dat werkelijk recht doet aan de diversiteit van onze samenleving. Misschien betekent dat niet één systeem voor iedereen, maar een netwerk van onderwijsvormen die samen het verschil maken.
Wat denk jij? Moeten we blijven streven naar volledige inclusiviteit, of is het tijd voor een pragmatische herziening van onze idealen?
– Ruud van Hertum, regiodirecteur Oost Aloysius Stichting
Reageren? Mail naar communicatie@aloysiusstichting.nl